Binnen de afdeling biochemie van NutriControl worden voornamelijk analyses uitgevoerd welke de aan- of afwezigheid aantonen van biomoleculen zoals DNA, eiwitten en antimicrobiële stoffen (bijv. antibiotica).
Preventie
Voor de productie van veevoeders heeft de EU regels opgesteld dat bepaalde dierlijke eiwitten of andere producten van dierlijke oorsprong niet gebruikt mogen worden. Dit om onder andere kannibalisme tegen te gaan en zo de verspreiding van bepaalde ziekten zoals BSE en scrapie te voorkomen. Ook is door de EU vastgelegd dat diervoederbedrijven versleping van ongewenste stoffen dienen te voorkomen of zo veel mogelijk te beperken.
Gebruik
Door een hoge gevoeligheid van de analyses kunnen geringe hoeveelheden van het dierlijk DNA of eiwit aangetoond worden in de producten. Hierdoor kan eventuele kruiscontaminatie door versleping tijdens de productie gedetecteerd worden. De DNA analyses worden ook uitgevoerd op voedingsmiddelen om aan te tonen dat in het product alleen het vlees van een bepaalde diersoort is gebruikt, denk aan rund, kip, varken of paard.
Ook kunnen deze DNA analyses gebruikt worden om de zuiverheid van melkproducten aan te tonen, denk aan koemelk, geitenmelk of schapenmelk. Daarnaast kunnen DNA analyses ook gebruikt worden om pathogene micro-organismen te detecteren in producten. Hiervoor dient een voorophoping gedaan te worden vanuit het product om de micro-organismen uit te laten groeien tot een detecteerbare hoeveelheid. Een voorbeeld hiervan is de analyse van salmonella (PCR).