Analyse
Mono-, di- en triglyceriden zijn glycerol-esters van vetzuren. Triglyceriden, bestaande uit drie vetzuren gebonden aan een glycerolmolecuul, zijn de meest voorkomende vorm van vet. Mono- en diglyceriden kunnen ontstaan bijvoorbeeld als hydrolyseproducten van triglyceriden in de darm. Hierdoor worden vetzuren gesplitst van glycerol, waardoor vrije vetzuren ontstaan.
In de voedingsmiddelindustrie worden mono- en diglyceriden veelal toegepast als emulgatoren en stabilisatoren. In de diervoederindustrie worden mono-, di-, triglyceriden en vrije vetzuren toegepast voor het bevorderen de darmflora vanwege hun antibacteriële werking en bijdrage aan een betere opname van voedingsstoffen.
Met de door NutriControl ontwikkelde monoglyceriden analyse kunnen de mono-, di- en triglyceriden in additieven bepaald worden en ook de vrije vetzuren en glycerol met behulp van GC met FID detectie.
Alfa bèta varianten
De mono- en diglyceriden kunnen zowel voorkomen in de alfa als bèta variant. Bij de alfa variant van de monoglyceriden bevindt de vetzuurstaart zich op de sn-1 positie, terwijl deze bij de bèta variant gepositioneerd is op de sn-2 positie. Bij diglyceriden gaat dit bij de alfa variant om de 1,3 positie en bij de bèta variant om de 1,2 positie. Van nature zal de alfa variant altijd meer voorkomen, omdat dit energetisch de meest gunstige configuratie is voor dit molecuul.
Productmatrix
De analyse is geschikt voor additieven en concentraten van één tot maximaal vier verschillende ketenlengten. Indien een mix van monoglyceriden met meer dan vier ketenlengten wordt toegevoegd aan één additief, kan dit de identificatie van de componenten ernstig bemoeilijken. Neem in dit geval contact op met ons om te kijken wat de mogelijkheden zijn voor uw product via onze research route.